Al jong was ‘Slappe’ Douwe Andries Bijlsma ervan overtuigd dat hij voorbestemd was tot grote daden. Steeds wanneer hij als boeienkoning, slangenmens of fakir zijn tapijt uitrolde en zijn publiek zich vol verwachting om hem heen verdrong, wist hij: ik kan iets wat niemand anders kan. Kapitein Nero, de Friesche Fakir, was een volstrekt unieke artiest. Maar ook thuis, in een van de armste buurten van Leeuwarden, wist hij zich van anderen te onderscheiden: van alle armoedzaaiers was hij – vader van tien kinderen – de allerarmste. In 2004 eindigde hij bij de verkiezing voor Grootste Leeuwarders Aller Tijden op de achtste plaats. 

In maart presenteert Stichting Teatro Magiko de voorstelling “Slappe Douwe”. Ritsko van Vliet speelt Douwe Andries Bijlsma en zal ook een aantal van zijn acts uitvoeren. Sietse de Vries is naast de schrijver ook de verteller van het theaterstuk. Theo van der Geest speelt onder andere de rol van straatmuzikant “Hoempa” Adrianus van Merode. Maaike van der Geest is de regisseur. Ritsko en Theo zorgen samen voor de uitwerking van hun “Slappe Douwe”-concept.

De première is (als de corona het toelaat) op 11 maart 2022 in Theater De Bres. Half januari start de kaartverkoop.

Als boeienkoning en als fakir
Douwe Bijlsma als “Tuuntsjeplisie, rechts Ritsko in zijn rol

Douwe Andries Bijlsma trad in Friesland op tijdens markten en kermissen. Veel oudere Leeuwarders zagen hem in de jaren vijftig op de Lange Pijp en naast De Waag. ‘Daar laat ik mien ouwe moer nog niet eens foor krupe’, riep hij als er te weinig op het kleed lag om te beginnen. Hij liep een sabelladder op, lag op een spijkerbed* en bevrijdde zich uit kettingen. Ook kroop hij door ijzeren ringen. “Het vouwen, plooien, buigen van de ledematen, gelijk een slang, gelijk een paling”. Dit gaf hem de bijnaam “Slappe Douwe”, omdat hij zo lenig was. Een bijnaam waar hij een hekel aan had, omdat slap ook staat voor niet sterk.